Van de Algarve naar Santiago de Compostela

Jippiejajee hier zijn we weer met een verse portie reisavonturen! We hebben afgelopen weken wederom enorm veel gezien, gedaan en beleefd! Pak er een kopje koffie bij en geniet van de pelgrimstocht van de Algarve naar Santiago de Compostela!  

Drie redenen voor Portugal

Nu Portugal de grens heeft geopend en Spanje de verplichte PCR-test voor autorijders heeft laten vervallen, hakken we spontaan de knoop door voor toch een korte detour door Portugal. We hebben drie dingen bedacht die we er willen doen: 1. Heel veel Pastel de Nata eten. 2. Hiken langs de kliffen. 3. Een vriendin in Lissabon opzoeken. Aangezien we graag via het binnenland van Spanje richting het noorden willen rijden, blijft het rondje in Portugal beperkt tot het zuiden. 

Niet welkom in Portugal?

Met een volle koelkast en dieseltank rijden we probleemloos de grens over. Dat blijkt al vrij snel een goede keus, want de geruchten dat het in Portugal duurder is, blijken zeker te kloppen. Qua campings valt dat gelukkig wel reuze mee, want de eerste dag slapen we voor 13 euro op een soort ‘Center Parcs’ met polsbandje en prachtig zwembad. Op deze manier is het geen probleem dat je nergens in Portugal meer mag wildkamperen. 

Echter komen we al snel terug op deze bevindingen, want ze hebben het nieuwe wildkampeerverbod in Portugal een beetje onhandig aangepakt. Ze hebben het werende beleid zo ver doorgetrokken, dat je nu ook bijna nergens meer aan de kust met je camper mag parkeren. Ook niet overdag, voor een paar uurtjes. We begrijpen goed dat ze de natuurslopende wildkampeerders zat waren op de kliffen, maar niet meer kunnen parkeren op parkings gaat toch wel erg ver. Na het zeer goed geregelde campervriendelijke Spanje, voelen we ons dan ook een stuk minder welkom in Portugal. 

1. Heel veel Pastel de Nata eten

Op onze camping zit een koffietentje met gebak, maar helaas is de Pastel de Nata bij aankomst al op, dus de volgende ochtend zijn we er als de kippen bij. Met succes! Zo, die eerste zit erin…next! For the record: we zijn 7 dagen in Portugal geweest, we hebben 10 Pastel de Nata per persoon gegeten. Deze missie is zeker geslaagd! Welke het beste was? De originele uit Belém por supuesto! 

2. Hiken op de kliffen 

Om in te komen beginnen we met een korte hike op de kliffen aan de zuidkant van Portugal. Best mooi, maar al snel komen we erachter dat we hier beter een kajak hadden kunnen huren, want de bijzondere rotsformaties en grotten zie je vanaf boven een stuk minder goed dan vanaf het water. Al met al toch wel lekker genoten van het lopen en voor het eerst waanden we ons weer tussen de toeristen, wat ook wel weer een ervaring op zich was. Het stikt hier namelijk van de Britse toeristen (toen mochten ze nog). De knalrood verbranden, dronken Britten zorgen voor heel wat leedvermaak, maar hé hiervoor kwamen we niet naar Portugal. 

Na het lopen vinden een mooie kleine camping een stukje verderop in Figueira. Een gezellige kat houdt ons hier bezig, want ze wil zo graag de camper in dat ze haar voorpoten met nagels in onze deurhor zet. Gelukkig is Merijn er snel bij en is onze hor heel gebleven. De rest van de avond zit ze op ons opstapje voor de deur. Aaaahw!

Vanaf de camping rijden we via het meest zuidwestelijkste puntje van het Europese vaste land, richting de westkust. Het uitzicht vanaf Cabo de Sao Vicente is veelbelovend en we hebben veel zin in de hike langs die kant. We zijn wederom aangewezen tot een ‘Center Parcs’-camping met polsbandje, maar who cares. Vanaf daar kunnen we perfect onze hike langs de kust starten. 

We lopen een etappe van de Rota Vicentina, 18 km langs de ruige Atlantische kust. Hoge kliffen, dichtbegroeide bossen, kleurrijke heides en prachtige afgelegen strandjes wisselen elkaar voortdurend af. De route is prachtig en onwijs gevarieerd. We eindigen bovenop een klif met uitzicht over het mooiste strand van Portugal: Praia de Odeceixe. Een mooi eindpunt voor een verfrissende duik in de zee! Maar hoe komen we er? De rivier mondt namelijk precies hier uit in de zee en omlopen tot de brug zou 8 kilometer extra lopen betekenen. Daar hebben we geen zin meer in, dus we trekken onze zwemkleding aan en crossen de rivier. Dit klinkt veel spectaculairder dan het is, want het is eb en het water kwam werkelijk waar niet verder dan mijn knieën. Geheel voldaan na de fantastische hike en het bijkomen op het strandje, pakken we de taxi terug naar de camper. 

Isabel de taxichauffeuse brengt ons in rap tempo terug. De Portugezen rijden overal veel te hard, halen je in op smalle weggetjes en parkeren ‘interessant’. We zijn de Spanjaarden gewend en na ruim twee maanden durf ik het te zeggen; ze rijden echt ontzettend netjes. De Portugezen daarentegen lijken altijd haast te hebben. 

3. Een vriendin in Lissabon opzoeken

Voor ons derde en laatste doel in Portugal moeten we een eindje rijden. Gelukkig is de (hele dure!!) tolweg naar Lissabon leeg en cruisen we vlot door naar een oude wapenfabriek aan de rand van de stad. Deze oude fabriek is omgetoverd tot hipstercamperplek, inclusief restaurant en iedere avond live muziek. Dat lijkt ons wel leuk natuurlijk! Maar waar het hip is, zijn vanlifers en waar vanlifers zijn…is hondenpoep. Overal verspreid liggen drollen en plas in de zon te stinken rondom onze camper. Iets minder fijn. Daarnaast blijkt er precies de twee avonden dat wij er zijn geen live muziek te zijn, ook iets minder leuk. 

De eerste dag in Lissabon gaan we zelf op pad. Het is 20 minuten fietsen vanaf de camper naar het centrum, maar waar de hondenpoep nog geen warm welkom gaf, gaf de fietsroute dat nog minder. We fietsen langs de ghetto van Lissabon met een hoop zwervers, graffiti, afval en pislucht. In de stad zelf wordt het er nog niet snel veel beter, op aanraden gaan we naar de ‘leuke’ wijk Alfama, maar alles blijkt dicht en uitgestorven te zijn. En zonder sfeer, blijven er eigenlijk alleen maar lelijke gebouwen over. Lissabons eerste indruk wordt nog niet verbeterd…tel daar omhoog fietsen door de hitte en honger bij op, en je hebt de perfect combinatie voor wat chagerijnigheid onderling. 

Gelukkig vinden we hierna Pastel de Nata en een fijn zitplekje op de wél gezellige boulevard langs zee. We besluiten nog een stuk langs de boulevard te fietsen, maar zodra ook die overgaat in glasscherven en pislucht, houden we het voor gezien. Morgen nog een kans, Lissabon.

Vol goede moed starten we aan onze tweede dag in Lissabon. We hebben met Marieke (oud collega van mij) afgesproken aan de andere kant van de stad. Ze heeft een eigen kantoorruimte bij de LXFactory. Dit is een hip, oud industriegebied met cafeetjes en bedrijfsruimtes. Erg leuk en ideaal voor een kopje koffie en bijkletsen! Hierna neemt Marieke ons mee de veerpont op, ze woont namelijk aan de overkant van Lissabon in een klein dorpje. Het is tien minuten varen vanaf het centrum en een prachtig rustig plekje! Je waant je heel snel in een andere wereld, erg bijzonder! Tegenwoordig hebben investeerders deze ruwe diamant ook ontdekt, want huis na huis wordt opgekocht en opgeknapt. Over een paar jaar zullen we het waarschijnlijk niet meer terug herkennen! 

Na nog een uitgebreide lunch in de haven en het ontmoeten van Mariekes gezellige Portugeze vriend (met super awesome oude camper), nemen we afscheid en fietsen wij nog een stukje langs de highlights in Bélem. Deze blijken hartstikke mooi (en lekker ;-)) te zijn en zo slaagt dag 2 in Lissabon toch beduidend beter! 

Als prins en prinses op de torens

Ondanks dat we al onze doelen in Portugal hebben afgetikt, plakken we er stiekem nog een uitje aan vast. Vlakbij Lissabon ligt namelijk Sintra en dat staat bekend om de vele paleizen en kastelen. Aangezien ze vroeger geen campers bij kastelen moesten parkeren en het station vlakbij de camperplek is, lijkt het handiger om met de trein en bus te gaan. Op het station kunnen we de Portugese omroepster niet zo goed verstaan, maar er is in ieder geval driekwartier vertraging. Vervolgens is de aansluitende bus ook te laat en sloom, dus het schiet allemaal totaal niet op. Maar goed, anderhalf uur later zijn we bij ons eerste kasteel. Het is echt een klassieke kasteel, zoals een kindje het zou tekenen. We lopen over de hoge muren richting de verschillende torens en genieten als een prins en prinses van het uitzicht. Het lijkt ook net ons eigen kasteel, want er is verder bijna niemand. 

Hierna gaan we naar een kleurrijker paleis, het Palacio de la Pena bestaat uit diverse gebouwen, torens en kamers en het lijkt wel alsof de eigenaar iedere dag een andere smaak kreeg. Het is echt een ratjetoe aan stijlen en kleuren, maar het maakt het paleis wel erg bijzonder! Hier is het een stukje drukker, want Insta fotoshoots zijn hier een populaire hobby. 

Tot slot gaan we in het dorpje Sintra naar het Palacio Nacional, hier hebben we twee belangrijke doelen: 1. Het familiewapen van Daniël zoeken (mijn zwager). 2. Ontdekken waar de twee gekke torentjes van dit paleis voor dienen. Al snel vinden we een prachtige ruimte helemaal vol hangen met familiewapens en zien we het Coutinos-familiewapen, erg cool! In de allerlaatste ruimte, een grote keuken, komen we er achter waar de torens voor dienen, het zijn de schoorstenen van de keuken. Een bijzonder gezicht!

De terugweg verloopt wederom niet erg soepel, want de trein heeft deze keer zoveel vertraging dat we bijna twee uur moeten wachten. Gelukkig bestaat er Uber en een gezellige taxichauffeur brengt ons vlot terug naar de camper!

Thuiskomen in Spanje

De grilligheid van de coronamaatregelen weet ons de laatste dag in Portugal te verrassen, want waar de PCR-test voor Spanje net was afgeschaft, wordt die één dag voordat wij terug het land in willen gewoonweg weer ingevoerd. Nogal onverwachts, anders waren we niet naar Portugal gegaan. Aangezien de cijfers hartstikke goed zijn en we geen controles verwachten, gokken we het erop en rijden tijdens de siësta de grens over. Gelukkig is er niemand! 

Terug in Spanje voel het direct alsof we weer thuiskomen. Het asfalt is hier stukken beter, mensen rijden netjes, we verstaan iedereen, er is lekker eten, alles is goedkoper én we worden direct in het eerste dorp welkom geheten door een gratis camperplek op een prachtige plek aan een rivier inclusief restaurant. We proosten op het thuiskomen met een Tinto de Verano en maken een plan voor de komende dagen in Extremadura. 

Warm, warmer, warmst

Extremadura doet zijn naam direct eer aan, want het is bloedverziekend heet. Met veertig graden op de thermometer besluiten we overdag een museum (met airco) in Mérida te bezoeken en pas tegen de avond de opgravingen buiten te bekijken. 

In Mérida staat het Museum voor Romeinse Kunst en het is echt prachtig. Verspreid door één hele grote en hoge ruimte staan verschillende Romeinsen beelden en materialen opgesteld. Het is erg ruim opgezet en je loopt via vides langs de kunst. Zeker een bezoekje waard en niet alleen voor de heerlijke airco!

Na het museum trotseren we de muur van warmte bij de deur en bezoeken twee grote Romeinse theaters. Het is nog nét wat te vroeg voor de Spanjaarden, dus we hebben ze helemaal voor onszelf. Ze zijn nog supergoed intact en zeker het grote theater is echt impressive om te zien. We testen nog even hoe goed ze werken door op het podium te fluisteren en te luisteren hoe ver het geluid komt, geven elkaar een optreden en houden het dan voor gezien. 

De volgende dag reizen we wat minder ver terug in de tijd en bezoeken we het Middeleeuwse stadje Trujillo. Het is nog steeds erg warm, maar omhoog fietsen door het dorpje naar het Game of Thrones-kasteel lijkt ons een goed idee. Compleet oververhit zijn we boven, maar het was het zeker waard! Het stadje is al superschatting en stikt van de kerktorens met daarop Ooievaarsnesten, maar het kasteel steelt zeker de show. Voornamelijk de uitzichten zijn fantastisch. Je kijkt uit over het dorp met de Ooievaars en op de achtergrond zie je de vlaktes van Extremadura. Een bijzonder plekje! 

Hierna rijden we door het Monfrague park en ontmoeten we onze Belgische vrienden met Bertha de campervan. Wat een gezelligheid! Ze lagen al een tijdje ver op ons voor, maar na ons snelle rondje door Portugal hebben we ze bijgehaald. Voordat het tijd is voor bier en bijkletsen, doen we nog een snelle sightseeing in het Monfrague park. Dit staat bekend om de gieren en vanaf de uitkijkpunten zie je ze dan ook volop vliegen bij een grote rotswand. 

Voor het bier en bijkletsen vinden we een mooi wildkampeerplekje aan een stuwmeer. Ideaal, want even zwemmen kan na deze hete dagen zeker geen kwaad. We hebben een supergezellig avond samen en de volgende dag scheiden onze wegen weer. We kiezen beiden voor een andere route door Noord-Spanje, maar wie weet zien we ze ergens weer!  

Donder en bliksem in Salamanca

Voordat we een heel eind richting het noorden gaan rijden, genieten we nog van een mooie fietsroute over een oude mijnrails. Na een uurtje fietsen, nog wat krachttraining in het nabijgelegen park en rondvliegen met de drone pakken we alles weer in en gaan we op naar Noord-Spanje. 

Nou dat hebben we geweten… onderweg worden we weggeblazen door de wind, hagelstenen, stortregen en onweersklappen. Welkom in Noord-Spanje, hier is het kutweer. Ondertussen zijn we er alweer een week en het weer is nog steeds erg regenachtig, maar ook met af en toe droge periodes. Zo ook de volgende ochtend, dus pakken we nog een uurtje zon mee bij het grote zwembad van de camping. Ondertussen zijn we aan de beurt voor het inplannen van een vaccin, maar omdat we liever 7 weken tussen de prikken willen (zodat we naar Noorwegen kunnen in juli/augustus), zijn we aangewezen op het telefonische inplansysteem. 

Het begint nog niet heel vlot, want een 0800-nummer bellen vanuit het buitenland is lastig. Er is wel een buitenlandnummer voor corona-informatie, maar de student die ik daar aan de telefoon krijg had duidelijk zijn dag niet én had daarnaast geen idee hoe we konden bellen met de vaccinlijn vanuit Spanje en hing uit pure ellende maar op. Na wat googelen lukt het om via Skype te bellen met de vaccinlijn, maar de verbinding is dramatisch. Gelukkig hebben we nu een supergeduldige en aardige telefoniste aan de lijn en na 20 minuten een veel te lang script te hebben aangehoord, hebben we onze prikken ingepland. Maar nog niet met 7 weken ertussen, daarvoor moeten we opnieuw bellen en in het bandje kiezen voor ‘afspraak verzetten’. Via de derde telefonist krijgen we te horen dat het inplanschema niet verder loopt dan eind augustus, dus dat we over een aantal weken weer opnieuw moeten bellen om de tweede prik te verzetten. To be continued…

Mocht je nu denken; hé jullie hebben Corona gehad, dus met één prik zijn jullie toch klaar? Ja dat klopt, maar we vertrouwen er niet helemaal op dat landen buiten de EU ons toelaten met één prik, vandaar liever twee óf één Janssen. 

Na een hele ochtend bellen is het tijd voor onze eerste stop in Extramadura: Salamanca. Ook wel de ‘gouden stad’ en ‘de mooiste stad van Spanje’ genoemd. Het oude centrum is dan ook prachtig, het staat vol imposante gebouwen. We struinen lekker rond, bezoeken een mooi museum met enge poppen en ploffen dan onder een parasol op het terras. Niet tegen de zon, die is hier niet, maar de lucht ziet eruit alsof het ieder moment kan losbarsten. Zodra we ons drankje hebben, gebeurd dat ook daadwerkelijk en blijkt de parasol niet genoeg bescherming te bieden, we vluchten snel de tapasbar is. Hier is het onverwachts hartstikke druk, de Spanjaarden waren iets beter voorbereid en hadden deze tafeltjes al op tijd gevonden. Gelukkig is er nog één tafeltje aan de tapasbar vrij en kunnen we zo gemakkelijk de lekkerste dingen aanwijzen en bestellen. 

Na Salamanca willen we de rode rotsformaties in Las Médulas bekijken, maar aangezien dat best een eindje rijden is maken we een tussenstop bij twee meren. Ze liggen allebei prachtig en zeker de tweede maakt indruk met de hoge bergen eromheen. Het water is kristalhelder, heerlijk fris en perfect om in te zwemmen voordat het dagelijkse avondonweer weer los gaat. 

We vinden een mooie camperplek bij het kleine dorpje Puebla de Sanabría. Er zijn in deze regio superveel kleine dorpjes met de mooiste gratis camperplekken. Ook deze ligt op loopafstand van het centrum, de volgende ochtend lopen we er nog een rondje doorheen. Maar op maandagochtend is er weinig leven in de brouwerij. 

Romeinen verzetten bergen 

De rode rotsformaties in Las Médulas zijn een cadeautje van de Romeinen. Ze hebben erg ingenieurs in de bergen tunnels gegraven en die vervolgens vol laten lopen met water. Hierdoor stortten de bergen in en konden ze makkelijk op zoek naar goud in de diepere aardlagen. Met succes overigens, want dit was de belangrijkste goudmijn van het Romeinse rijk. De restanten van deze actie zijn rode rotstoppen, omringd met supergroene bergen met gekke bomen. We maken er een mooie hike doorheen, maar het spectaculaire uitzicht vanaf het hoge uitzichtpunt maakt de steile bergweg hierheen pas echt de moeite waard! 

Hierna rijden we een aardig eindje richting de kust, de afstanden zijn de laatste tijd een stuk groter dan in Zuid-Spanje, maar wanneer de weg niet te bochtig is kan ik achterin goed werken. Zo bouw ik ondertussen een website voor een basisschool en verliezen we overdag niet te veel tijd om leuke dingen te doen. Ook nu weer vinden we een mooie gratis camperplek in Ribadavia. Hier sluiten we de dag af op hét dorpsplein en genieten met de Spanjaarden van de voetbalwedstrijd Spanje tegen Zweden. 

Op een onbewoond eiland

Na de rotsformaties zijn we van plan om naar Santiago de Compostela te rijden, maar wanneer ik op Google Maps kijk zie ik vlak voor de kust in Galicië wat eilandjes liggen. Nog nooit gezien, nog nooit van gehoord, dus ik begin te Googlen naar de zogeheten Cies eilanden. Al snel verdwaal ik in de azuurblauwe baaitjes, groene bossen en prachtige vergezichten. Hier moeten we heen. Ik laat het aan Merijn zien en binnen een half uur hebben we toestemming voor het eiland geregeld, de boot geboekt en een plek gevonden op het vaste land om de camper achter te laten. Heerlijk die vrijheid, let’s go to paradise!

Vanaf Vigo pakken we ’s ochtends de boot naar het hoofdeiland, dat eigenlijk bestaat uit twee eilanden en verbonden is door een groot strand. De eilanden zijn net als de rest van Galicië supergroen en begroeid, niet zo gek met de grote hoeveelheden regen in deze regio. Gelukkig hebben wij nog net één zonnige dag voor de eilanden, voordat het de rest van de week weer nat en koud wordt. 

De boottocht duurt drie kwartier en zit hoofdzakelijk vol met kinderen die op schoolreisje gaan en badgasten die gaan zonnen op het prachtige strand. Wij hebben onze hike outfit aan, want we willen naar de top van de eilandjes lopen. Er is een goed pad omhoog (heet!) en boven bij de vuurtoren worden we getrakteerd op een prachtig uitzicht over de eilanden heen. Het derde eiland van deze Archipel ligt ernaast, maar aangezien de boot daar niet heen gaat ligt die er prachtig verlaten bij. Op de terugweg van de eerste top mogen we ook even genieten van het paradijselijke blauwe water, wat overigens best wel fris is, scoren we snel een lunch (oeps, per ongeluk vissenhoofden besteld!) en is het tijd voor de top van het andere eiland. Maar op dit moment blijkt eigenlijk dat we te krap in de tijd zitten, want onze boot gaat alweer bijna terug. Dus de andere kant bekijkt Merijn nog even snel en na nog een verkoelende duik in de zee, moeten we rennen om de boot terug niet te missen.   

Terug bij de camper hangen we onze natte zwemkleding aan het fietsenrek van de camper te drogen. “Moeten we morgenochtend niet vergeten he.” Dus wel, uiteraard… Op de snelweg ziet Merijn iets wegvliegen in zijn spiegel, dat bleek zijn zwembroek te zijn. Wat hebben we hiervan geleerd? Áls je iets ophangt aan het rek achterop, bind het vast, want mijn bikini heeft het op die manier wel gered.

Santiago de Compostela 

Nu dan toch echt, na ons dagje tropisch eiland, is het tijd om de eindbestemming van menig wandelaar te bewonderen. We fietsen vanaf de camperparking het centrum in, halen een typische Santiago-taart en ploffen neer op het plein voor de kathedraal. Een perfecte plek om wandelaars en fietsers te zien aankomen. Erg leuk om te zien hoe euforisch iedereen aankomt, foto’s van elkaar maakt en wandelverhalen uitwisselt. 

Wie weet lopen we ‘m zelf ook nog een keer, maar voor nu is het onze eindbestemming voor het blog. Onze laatste weekjes Spanje gaan in en Merijn neemt jullie (in zijn nieuwe zwembroek!) binnenkort mee in het laatste stukje van dit prachtige land!  

« van 7 »

6 gedachten over “Van de Algarve naar Santiago de Compostela

  1. Wauw, wat een mooie foto’s en wat een avonturen hebben jullie weer beleefd! Ik ben superblij dat jullie dit allemaal mogen beleven! Jammer dat Portugal een beetje tegenviel (dat moet dan nog maar eens zonder camper) maar de pastel de nata maakte hopelijk veel goed! Verder hebben we dankzij jullie Zwitserland en Spanje leren kennen als twee landen waar ook wij vast nog wel eens voor langere tijd gaan neerstrijken! Geniet nog even van de laatste weekjes en dan zien we jullie in het Zeehuis in Bergen! Xxx

    1. Hahaha Portugal was verder ook echt prachtig hoor! 🙂 De camper weet alvast de weg hier voor jullie. Tot snel, liefs!

  2. Dat heet genieten. Ik geniet met jullie mee van de heerlijke verhalen. Wat een onvergetelijke belevenissen.
    Ik zie dat jullie ook nog naar voetbal hebben gekeken. Liefs en tot ziens.

Geef een antwoord