Hej hej välkommen till Sverige!

We zijn beland in het land van de Volvo, Spotify, ABBA en natuurlijk IKEA: Zweden! Eigenlijk willen we naar Noorwegen, maar Corona wijst de weg en deze keer stuurt ze ons in de richting van heel veel bomen, meren én muggen. 

We hebben twee weken de tijd om onze vooroordelen over reizen door Zweden te ontkrachten, want hierna tellen we als volledig gevaccineerd en mogen we Noorwegen in! We reizen van zuid naar noord dwars door het land en vervolgens dalen we rustig af langs de Noorse fjorden. Voordat ik je meeneem in onze Zweedse avonturen, eerst nog een terugblik op onze heftige week in Nederland. 

Ziek, overprikkeld en disconnected

We wisten van tevoren dat de week in Nederland stampensvol zou zitten met familie & vrienden zien en daarnaast praktische zaken regelen (vaccin, tandarts, fysio, gezondheidscheck, garage), maar wat we niet hadden overzien was dat we deze drukke week moesten zien door te komen terwijl we ziek zijn. Op de eerste dag terug in Nederland krijgen we namelijk onze zwaarbevochten Janssenvaccin en een paar uur later liggen we er allebei af. Hoge koorts, extreme hoofdpijn, spierpijn en het gevoel alsof er een vrachtwagen over je heen is gereden. Corona was er niets bij. Blijkbaar herkent ons lichaam het virus nogal snel en gaat vól in de aanval. Ons immuunsysteem is in ieder geval piekfijn in orde, maar ideaal voor onze drukke week is het niet. De tandarts en fysio sneuvelen hierdoor al snel, maar de rest van de afspraken hebben we gelukkig doorstaan. 

Het is superfijn om onze familie weer te zien en een avondje met onze vrienden op een camping door te brengen, maar we merken ook dat de 24/7 sociale aangelegenheden ons al heel snel compleet leegzuigt. We zijn zo gewend met z’n tweeën te zijn en daarnaast voelen we ons ook nog behoorlijk moe van het vaccin. Tussendoor regelen we ook nog de praktische zaken en ons campertje is gelukkig na twee dagen alweer helemaal gerepareerd, gecheckt én klaar voor Scandinavië. Wiehoee dat is fijn!

Naast het ziek en sociaal overprikkeld zijn, merken we ook dat we na twee jaar over de wereld zwerven aardig gedisconnect zijn geraakt met Nederland en de Nederlandse mentaliteit. De Nederlandse corona-aanpak, waar we ons niet echt in kunnen vinden, heeft dit zeker versterkt en zichtbaar gemaakt. Maar ook op andere vlakken merken we dat we niet helemaal meer de connectie hebben (negativiteit, werkmentaliteit, drukte op de wegen, overvolle steden, etc). Benieuwd hoe we daar weer naar kijken als we écht naar huis gaan, maar voor nu was het zeker ook een factor om weer heel veel zin te hebben lekker te gaan reizen! Dus zo rammen we er op de dag van vertrek nog een wattenstaafje in, toppen de camper af met boodschappen en gaan we met een negatieve uitslag op weg naar de boot van Duitsland naar Zweden. 

Overvaren naar Malmö

Om 05:00 uur ’s ochtends worden we wakker van startende campers om ons heen. We staan samen met nog zo’n twintig andere campers in de haven van Rostock, vlak voor de terminal van de boot. Die vertrekt om 07:30 uur en aangezien we echt naast de boot slapen, lijkt ons een wekker om 06:30 uur vroeg genoeg. Maar helaas denken alle andere campers om ons heen hier iets anders over. Als we om 05:15 uur bijna alleen staan, besluiten we ook maar naar de terminal te verplaatsen. Hier sluiten we braaf achteraan de rits campers aan en maken we onze conclusie op; 06:30 uur was misschien wel wat aan de late kant, maar nu zijn we er écht te vroeg, want het duurde uiteraard nog best een tijdje voordat we daadwerkelijk op de boot stonden. 

De boot is absoluut niet vol en binnen weten we (ookal waren we de laatste aan boord) gemakkelijk twee fijne loungestoelen per persoon te bemachtigen. Hier brengen we zes uurtjes op door; beetje slapen, wifi leegtrekken en Netflix kijken. Om 13:30 uur stipt legt de boot aan en rijden we naar een camperplek in de haven van Malmö. Alles is er tiptop geregel, maar ik ontdek gelijk hoe een Zweeds WC-slot niet werkt, waardoor ik 15 minuten vastzit. Nadat ik bevrijd ben door een andere camperaar, fietsen we een rondje door Malmö. Het is een prachtige zomerse dag en alle parkjes, stranden en terrasjes zitten gezellig vol. We strijken zelf ook neer op een terrasje en beseffen al vrij snel dat het geen Spanje meer is, dus houden we het maar bij één drankje en fietsen daarna nog wat rond door de mooie stad. 

Waar we ook aan merken dat het geen Spanje meer is, is dat we niet meer alles kunnen lezen en verstaan, sterker nog: we snappen weinig van het Zweeds! Gelukkig spreken de Zweden allemaal perfect Engels (zelfs de supermarktcaissière en buschauffeurs) en redden we ons zo prima in dit land. Ondertussen hebben we ook al wat Zweedse woordjes geleerd die érg vaak gebruikt worden: hej hej = hallo, hej da = dag, tack = dankjewel, absolút = absoluut, precíes = precies, bra = goed en natuurlijk de allerbelangrijkste twee: fika = koffiemomentje met wat lekkers en kannelbulle = het lekkers voor bij de fika.  Zweden en hun fika’s zijn onafscheidelijk en overal kun je dan ook terecht voor koffie met gebak. Ook zien we ze regelmatig op een picknicktafel langs een meer genieten van een pauzemomentje. Dit Zweedse gebruik bevalt ons prima!

De natuur in!

Het is even puzzelen wat de leukste route van Malmö naar Stockholm is, maar uiteindelijk besluiten we Goteborg over te slaan en via twee nationale parken Zweden schuin omhoog door te steken. Het eerste park is Store Mosse. We starten in het bezoekerscentrum en hier stuiten we direct na de ingang op een rek met heel veel zeer comfortabele sloffen. Een snelle blik naar de anderen in het bezoekerscentrum leert ons dat we onze schoenen moeten inruilen voor de slofjes, voordat we de prachtige houten hut verder mogen betreden. Ze zitten heerlijk! De park ranger tipt ons een route en we gaan op pad. Op het eerste gezicht lijkt de route vooral te bestaan uit een hele grote groene vlakte, maar wanneer we het van dichtbij bekijken zien we dat het een mega groot moerasgebied is. Via houten loopplanken volgen we een pad dwars over het moeras en daarna een stukje over zandduinen in het bos. Het is een mooie omgeving en de beruchte Zweedse muggen zijn hier gelukkig niet. Heel spectaculair is het allemaal niet, maar prima om een dagje doorheen te lopen. We mogen blijven slapen op de camperparkeerplaatsen van het park en hebben een prima nachtje. 

Het tweede park is Tiveden en dat staat bekend om z’n grote rotsformaties uit de ijstijd, veel bomen en mooie meertjes. We hiken door het gebied naar een strandje bij een meer en genieten daar van een heerlijk duik in het water. We boffen met het weer in Zweden, twee weken lang strak blauw en 25 graden is te mooi om waar te zijn! Veel Zweden zijn er dan ook op uit in dit park en genieten van een dagje aan het meer. Het is duidelijk schoolvakantie, want we zien ontzettend veel gezinnen. Gelukkig is er natuur genoeg voor iedereen en voelt het nergens massaal.

Zeker niet langs het Vätternmeer, één van de grootste meren in Zweden. Hier vinden we een prachtig wildkampeerplekje en staan we met nog drie andere campers op een paradijselijk plekje in het bos aan het meer. Merijn geniet van een avondduik en we maken nog een aantal prachtige drone shots. Wat is het toch fijn met een camper in Zweden! Er zijn oneindig veel meren en overal plekjes waar je gratis kunt staan, het lijkt echt Canada wel! Onderweg langs de weg vind je vul- en dumpplekken voor je water en toilet. Een camping lijkt momenteel echt alleen nodig wanneer we een stad bezoeken of kleding moeten wassen, verder redden we het helemaal prima zo. 

Qua afstanden rijden lijkt het ook behoorlijk op Canada. Om in twee weken in het noorden te zijn, moeten we aardig doorrijden. Ook ik moet er dan toch aan geloven en achter het stuur kruipen in de camper. Het rijden van zo’n grote auto valt eigenlijk hartstikke mee, zeker op de rustige wegen door Zweden. En het leuke is dat ik nu ook lekker mag zwaaien naar andere camperaars! Dat is namelijk echt een ding. Wanneer je een camper tegenkomt zwaaien de chauffeurs naar elkaar. Ondertussen is het alleen zó druk met campers dat het een ware dagtaak is en het brengt ook best wat gedoe met zich mee. Want, begin je met zwaaien, of zwaai je alleen terug als de ander begint? Daarnaast gaat kijken of iemand zwaait en kijken waar iemand vandaan komt niet samen, je mist altijd één van de twee. Zwaai je ook naar een camper die meerdere rijbanen van je verwijderd is? Of in de stad? Gedoe, gedoe, waar we al heel vaak om hebben moeten lachen. Merijn heeft besloten alleen nog te zwaaien als anderen naar hem zwaaien, of als die erg afgelegen is en niet elke twee minuten een camper tegenkomt waardoor hij zich verbonden voelt met de ander. De zwaai betekent namelijk ‘heee wat tof, jij ook hier aan het reizen, veel plezier!’. Maargoed, zodra ik achter het stuur kruip, zwaai ik naar de eerste de beste camper, en dan niet zo’n laf handje omhoog vanaf het stuur. Nee echt een goede, blije, uitgebreide zwaai. Het koppel in de andere camper lacht blij en zwaaien beide terug, leuk! Helaas negeren ook een aantal campers m’n zwaai en moeten we nog weerstand opbouwen dat dat ons niets doet. It’s all a learning proces..! 😉 

Fika’s in Stockholm

Stockholm is de laatste grote stad die we zullen bezoeken in Zweden, dus we besluiten er lekker ruim de tijd voor te nemen. Buiten de stad vinden we een mooie camping en vanaf daar kunnen we met de metro (of 40 min fietsen) direct naar het centrum. Wanneer we het metrostation in Stockholm uitstappen worden we direct omgeven door vele elektrische stepjes. Die dingen zijn hier echt hot en happing. Iedereen cruised lekker de stad door op de stepjes. De stad ligt op 14 eilanden en dat merk je ook. Bijna iedere straat die je uitloopt eindigt weer bij een mooie kade. Overal om je heen varen bootjes en zijn er gezellige terrasjes aan het water. We slenteren lekker door het oude centrum met de beroemde gekleurde huisjes en genieten van een gekregen fika momentje bij Café Schweiz (bedankt voor de traktatie Rona & Frank!). 

De volgende dag is het tijd voor wat meer culturele activiteiten. Maar zoals echte Zweden betaamd, moeten we eerst nog genieten van een fika-momentje op het mooiste plein van de stad. Hierna brengen we een bezoekje aan het VASA-museum, hier ligt het wrak van een Zweeds oorlogsschip, ooit ontworpen door een Nederlander maar in 1628 al na tien minuten gezonken. Het goed bewaarde schip is imposant om te zien en het museum is prachtig opgezet, met audio wordt je langs de verschillende onderdelen begeleid en leer je van alles over het schip, de bemanning en het leven in die tijd. Na het VASA-schip is het de beurt aan de City Hall van Stockholm, dit prachtige gebouw geniet van het mooiste uitzicht op de stad en staat bekend om de Nobelprijs uitreikingen met bijbehorende banketten. We krijgen een leuke tour door het gebouw en zijn ondertussen verbaasd over de hoeveelheid bruiloften die we voorbij zien komen. In de tuin van het gebouw staan wel tien bruidsparen foto’s te maken. De gids weet ons te vertellen dat er 75 huwelijken worden gesloten op deze zaterdag en daarna wil iedereen natuurlijk even op de foto. We sluiten de culturele dag in Stockholm af met typische Zweedse gehaktballetjes bij een restaurant en relaxen verder op de gezellige camping. 

De laatste en derde dag in Stockholm nemen we de boot naar de archipel. Er liggen namelijk 30.000 (!!!!!!) eilanden voor de deur van de stad. De eilanden zijn voornamelijk populair onder de rijkere Zweden, die hier hun tweede huizen hebben staan waar ze de zomer spenderen. We varen tussen de groene eilandjes door en zien prachtige typische rode huizen op de eilanden staan. Wat een plekjes! Op de boot ontmoeten we een Zweeds koppel dat in Stockholm woont en hebben we een erg leuk gesprek over het leven in Zweden en worden getipt welke plekken we niet mogen overslaan. Aangezien ze direct zeggen dat ze zijn ingeënt toen ze in ons vierzitje kwamen zitten, komt ook de Zweedse corona-aanpak ter sprake en het is interessant om te horen. Er zijn namelijk (in tegenstelling tot wat de NLse media doet geloven) echt wel een aantal maatregelen in Zweden geweest (horeca is gesloten geweest in steden, max aantal personen aan tafeltjes, mondkapjesplicht in OV), maar er waren en zijn voornamelijk adviezen. Geen verplichte regeltjes, maar adviezen die je kunt opvolgen voor je eigen veiligheid. Zo is er nu het advies om een mondkapje op te doen in het OV, maar het is ook helemaal prima als je dat niet doet. Deze volwassen aanpak past wat ons betreft perfect bij een ontwikkelde democratie en het lijkt erop dat de Coronacrisis in Zweden daardoor veel en veel minder het normale leven heeft gestopt. 

We besluiten bij Grinda de boot af te gaan en, net als de Zweden, te genieten van het heerlijke zomerse weer. Grinda is een eiland met weinig tweede huizen en veel toegankelijke natuur. We relaxen op de rotsen bij het water en lopen een mooi rondje over het eiland. Hierna verplaatsen we met de boot naar het volgende eiland. We zitten lekker buiten op de boot en kunnen zo goed alle groene eilandjes met de Zweedse rode huizen bewonderen, terwijl we fantaseren in welke we willen wonen, varen we terug naar de haven in Vaxholm. Dit eiland heeft een groter dorpje en is afgeladen met dagjesmensen. Het is een echt vakantiedorpje met veel schattige winkeltjes, ijssalons en restaurantjes. We genieten van de gezelligheid om ons heen, bekijken het kasteel op het eilandje ernaast en nemen dan de bus terug naar de stad.

Zweedse concepten rond het Siljanmeer

In een aardige camperoptocht (zwaai struggles!) trekken we door naar het Siljanmeer, hier blijkt duidelijk dat het een populaire bestemming is voor de Zweden zelf. Alle gezinnen met veel te schattige blonde kindjes (ja in Zweden is echt iedereen blond) genieten van dit mooie meer. Maar het is niet alleen het meer waar het om draait in dit gebied. Rondom het water vind je hier namelijk vier belangrijke Zweedse concepten: knäckebröd, Dalapaardjes, rode verf en langlaufen. 

Knäckebröd

Leksand knackebrod komt uit… Leksand! Dit kleine dorpjes aan het meer is omgeven met velden vol tarwe en middenin de velden staat dé knäckebrödfabriek van Zweden. Er is een winkel waar je kan inslaan en zelfs een afdeling met ‘mislukte’ versies tegen een lager tarief. Als we aankomen zijn we eerst verbaasd over de grote parkeerplaats, vervolgens over de lange rij voor de winkel en daarna nog verbaasder over de grote hoeveelheden knäckebröd waar de Zweden mee naar buiten komen. Hele jaarvoorraden worden hier ingeslagen! We kopen zelf maar een paar verschillende soorten, anders weten we niet waar we het in de camper moeten laten, haha!

Dalapaardjes

Houten handgemaakte, roodgeverfde paardjes zijn een ding in Zweden. De beeldjes komen uit de Dalarna regio en staat voor kracht en dapperheid. Het is het symbool van het land geworden en de fabriek waar ze worden gemaakt trekt veel bekijks. Eigenlijk zijn het twee fabrieken, want het familiebedrijf dat de paardjes maakt heeft onderling ruzie gekregen. Nu hebben beide broers een fabriek en winkel en ligt er enkel een weg tussenin. Een ware right/left-twix situatie dus. We bezoeken ze allebei en maken nog een goede toeristenfoto bij het grootste Dalapaard van de wereld.

Rode verf

De typische Zweedse rode huizen, wie kent ze niet. Stiekem dacht ik dat je die alleen bij toeristische plekken zou tegenkomen. Maar ondertussen kan ik je verzekeren dat ze overal in Zweden staan. Echt bijna ieder huis is van hout gemaakt en rood geverfd. Deze speciale verf komt uit de kopermijn in Falun en zorgt ervoor dat het hout minder snel rot. Ideaal dus voor de Zweedse weersomstandigheden en het levert prachtige dorpjes op. Een pareltje is Tällberg aan het Siljanmeer. Dit schattige dorpje bestaat uit mooie Zweedse huizen en ligt net wat hoger waardoor het uitzicht over het meer een perfecte achtergrond geeft.

Langlaufen

Aan de noordkant van het meer ligt het plaatsje Mora, hier eindigt jaarlijks de langste langlaufwedstrijd die er bestaat. De tocht, de ‘Vasaloppet’, is ongeveer 90 kilometer lang en gaat van Sälen naar Mora. Het Vasaloppet-museum lijkt ons dan ook zeker een bezoekje waard. Maar helaas komen we daar om 15:05 uur aan en bleek het om 15:00 uur dicht te gaan..

Stiekem vinden we wel nog een vijfde Zweeds concept aan het meer: de rest stop langs de weg. De Zweden zijn master in mooie rest stops aanleggen. Waar het in Nederland stinkt naar pis en je er liever zo kort mogelijk staat, is het in Zweden mooier dan een gemiddelde camping. Deze stop langs het meer spant de kroon. We staan pole position op gras aan het meer en zelfs met een eigen overdekte picknicktafel. Samen met nog een stuk of acht andere campers genieten we van het heerlijke zwemwater en de zon. We steken de BBQ aan, maken wat prachtige drone shots vanaf de steiger in het meer en genieten van dit typisch Zweedse concept! 

Tijdreizen naar de ijstijd

Na heel wat kilometers tussen de bomen omhoog rijden, komen we aan in de ‘Hoge Kusten’. Hier ligt het natuurpark Skuleskogen en dat is duidelijk populair. De parkeerplaats van het bezoekerscentrum staat overvol. We proppen de camper ergens tussen en starten met een korte hike de Skuleberget op voor wat uitzicht. Het is druk op de klauterroute, maar al snel bereiken we de top en zien we waar dit gebied bekend om staat: de bergachtige kustlijn en de vele eilandjes in het water. Het is prachtig en we krijgen helemaal zin in onze langere hike van morgen!

Voor deze hike parkeren we bij de westentree van het park, want vanaf die parkeerplaats is het het verste lopen naar de hoofdattractie van het park (kloof) en zo ontwijken we wat parkeerdrukte en hebben we een heerlijk rustig nachtje op de parkeerplaats. De volgende dag nemen we de gratis suttelbus van het park naar de zuidentree en hiken vanaf daar 11 kilometer door het park terug naar de camper, ideaal! De route is super gevarieerd met op meerdere plekken prachtig uitzicht over de kust. Onderweg passeren we diverse ijstijdelementen. Dit gebied lag minder dan 10.000 jaar geleden namelijk helemaal onder een dikke laag ijs en dat zie je nog duidelijk terug. Zo zijn er velden vol met gepolijste, groene, keien. Deze heeft het water van het smeltende ijs naar bepaalde plekken gestuwd. De highlight is een ontzettend grote kloof van 200 meter lang, 7 meter breed en 40 meter diep. Ik voel me erg klein terwijl ik er doorheen loop! We zijn allebei onder de indruk van dit stukje Zweden. Het hoogteverschil maakt het landschap snel interessanter dan de rest van het land (bomen en vlak). Tevreden en voldaan sluiten we de dag in Skuleskogen af met een warme douche in de camper. We zijn helemaal blij dat die weer gemaakt is in Nederland, maar helaas is dat van korte duur. Als we controleren of de afvoer echt niet lekt, zien we toch weer wat water naar buiten stromen, shit! Het is toch niet helemaal goed gemaakt en we zijn weer aangewezen op buiten douchen… 

Muggen, rendieren en slapeloosheid in Lapland

Onze volgende bestemming is Abisko, helemaal in het noordwesten van Zweden. Het is aardig ver verwijderd van Skuleskogen, dus hoog tijd voor wat kilometers maken door Lapland. Na het hiken in Skuleskogen rijden we nog een paar uurtjes richting het noorden en zetten de camper dan stil op één van de Zweedse rest stops. Deze keer is het een interessantere ervaring, het staat er namelijk vol met Polen en kleine tentjes. Al snel blijkt dat ze hier ‘wonen’ en werken in de houtkap. We maken ook kennis met de beruchte muggen van Zweden. Tot dusver hadden we er nog geen last van, maar hier zien we er opeens heel veel vliegen! Gelukkig zijn we erop voorbereid en hebben we muggengif (geurtje in stopcontact) vanuit Spanje meegenomen. De camper is namelijk niet muggenproof, maar dit blijkt gelukkig ook hier ongelofelijk goed te werken! Wist je trouwens dat er zoveel muggen in Lapland zijn, omdat daar één groot moeras ontstaat zodra alle sneeuw smelt? De muggen vinden deze ondiepe, zoetwaterpoeltjes heerlijk en alle muggen komen (meestal eind juni) tegelijk uit. In die periode zou ik Lapland zeker niet aanbevelen.

Na een muggenvrije nacht rijden we verder door het vlakke Lapland. Het asfalt is hier op veel plekken kapot gevroren en wordt nu gerepareerd. Het is best opletten geblazen met de gaten in de weg. Ondertussen houden we ook onze ogen open voor het spotten van wildlife, want dit gebied staat bekend om z’n rendieren. Niet veel later spotten we de eerste twee: een mama met een kleintje! We zijn dolenthousiast en maken snel wat foto’s! De rest van de dag spotten we er vervolgens zoveel, dat we uiteindelijk amper nog stoppen voor een foto. Hahaha! Waar we wel nog even stoppen is bij de Poolcirckel. Het is niet een heel bijzonder plekje, maar een foto voor het iconische bord is toch wel erg leuk om te maken! Na nog wat laatste kilometers komen we aan in Jokkmokk, hier kunnen we slapen op de parkeerplaats van het Sámi museum dat we morgen willen bezoeken. 

Het museum is prachtig opgezet. We leren hoe de Sami in dit gebied leefden en nu nog steeds leven. Opvallend is dat de Sami niet zo los van de maatschappij staan als de First Nations in Canada bijvoorbeeld. Ze hebben een eigen cultuur gehouden, maar er is altijd veel interactie geweest tussen hen en de rest van de wereld, waardoor ze meegroeiden met de ontwikkelingen. Het scheelt vast ook dat de Sámi in een mega groot gebied leven waar eigenlijk niemand anders wil leven vanwege de zware omstandigheden. Na het Sámi museum bezoeken we verderop nog een rendierenkamp. Hier leren we wat meer over de bepalende rol van de rendieren in de samenleving. In de lange winter trekken de herders met enorme kuddes door de bossen op zoek naar voedsel. Als de sneeuw smelt in de lente komen ze dan weer terug naar de dorpen om kalfjes te krijgen. In de zomer trekken ze dan weer de bergen in om te ontkomen aan de muggen en insecten. Vervolgens worden in de herfst de kuddes opgedeeld per familie, uitgedund, en wordt er gepaard. Daarna begint de cyclus weer opnieuw. Het leukste van het kamp is echter dat we hier zelf tussen de rendieren kunnen lopen. In het begin nog een beetje spannend met die grote geweien, maar al snel blijken het eigenlijk net kleine koeien te zijn. Ze zijn niet bang voor je, maar ook niet geïnteresseerd. We aaien ze, maken wat mooie foto’s en laten ze daarna weer lekker grazen. 

Na deze educatieve dag besluiten we al vroeg een slaapplekje te zoeken en op tijd naar bedje te gaan. Afgelopen tijd hebben we namelijk ongelooflijk slecht geslapen. Sinds een week wordt het namelijk niet meer donker ’s nachts en onze lichamen raken daar compleet van in de war. Bijna iedere nacht worden we om 01:00 uur wakker omdat de zon in onze ogen schijnt en denken we dat de nieuwe dag begint. Dit herhaalt zich vervolgens om de twee uur. We hebben goede blindering voor de camperramen, maar een beetje frisse lucht is met het muggengif ook nodig. Dit maakt dat onze ramen (en blindering) op een kiertje staan en hier de felle zon door naar binnen schijnt. Merijn slaapt tegenwoordig iets beter met een slaapmasker op, maar ik vind dat echt niet fijn zitten. Het is een aardige stuggle en ik ben ook echt wel verbaasd hoe sterk je lichaam op licht reageert. Je blijft in een soort van continue actieve modus, hoe moe je ook bent. Als je in slaap valt, is het veelal een lichte slaap en word je al snel weer wakker. Het voordeel is wel dat ik me energieker voel en makkelijker op kan staan in de ochtend, maar in ruil daarvoor zijn we ondertussen wel in een soort van continue jetlag beland. Stiekem kan ik niet wachten tot het weer donker wordt, al is het maar een beetje schemer! 

Zweedse avonturentocht 

Vlak voordat we in Abisko aankomen beginnen de bergen. We laten het vlakke deel van Lapland achter ons en betreden het wandelwalhalla. In het dorpje Abisko en bij het bezoekerscentrum spotten we al veel hikers. Helemaal bepakt en bezakt met de beste gear, ready voor meerdaagse tochten. We zijn met onze gear zeker underdressed, maar dat mag de pret niet drukken. We hebben een berghut geboekt zo’n 13 kilometer de natuur in en op de tweede dag lopen we verder door de bergen totdat we bij een treinstationnetje uitkomen. Vanaf daar kunnen we naar de camper terugkomen per trein of per bus. Best een profi plan, voor deze amateurs. 

De eerste dag begin al gelijk best pittig. Het regent onverwachts best hard en het pad bestaat hierdoor voornamelijk uit modder en plassen water. De dichte begroeiing, waar we ons af en toe doorheen moeten maneuvreren, is erg geliefd bij zwermen muggen. Dus al snel lopen we gehuld in regenkleding en ingesmeerd met deet stevig door. Stoppen en pauzes houden zit er niet echt in vandaag. Het is een redelijk vlakke route door een vallei met aan de linkerkant een stromende rivier en van beide kanten in de vallei meerdere watervallen van smeltende sneeuw. Met de rivier aan onze ene zijde van het pad en de watervallen aan de andere kant, is het onvermijdelijk dat we meerdere stroompjes moeten doorkruisen. Dat gaat, met springen van steen naar steen, best goed, tot de laatste stroom toch echt te groot en diep is…

Het is niet de beste plek, de oevers zijn dichtbegroeid, vol met muggen en het snelstromende water is echt ijskoud. Ondertussen regent het ook nog lichtjes. Terwijl ik snel mijn sandalen aantrek, probeert Merijn nog hoe ver hij komt met schoenen en springen tussen de stenen. Halverwege de rivier blijkt dat geen succes en doet hij (balancerend op de laatste droge steen) zijn schoenen uit om op blote voeten verder te gaan. Naast het schoenenprobleem heb je dus nog een andere keus: natte broek of muggenbulten. Wie z’n broek oprolt krijgt namelijk gelijk een zwerm muggen op zich af. We kiezen toch voor oprollen en dan zo snel mogelijk bewegen door het ijswater om de muggen te snel af te zijn. Dat werkt goed, maar aan de overkant is het op blote voeten tricky, omdat de bosjes met scherpe takken ondergelopen zijn met water en modder. Maar goed. Na heel wat scheldwoorden verder staan we op een droog stuk aan de overkant en kunnen we onze schoenen weer aandoen, om vervolgens het laatste stukje naar de hut te lopen. Ook dat is een aardige survivaltocht met veel moeras, modder en water. Mijn wandelschoenen blijken hun beste tijd te hebben gehad, want ondanks alle moeite heb ik toch echt hele natte sokken gekregen. 

Aangekomen in de hut vergeten we het gelukkig allemaal snel. Er staat een heerlijk houtkacheltje aan waar we alles kunnen drogen. We ontmoeten de supervriendelijke beheerder en twee andere hikers met wie we de hut delen. Deze dames vallen niet onder de categorie amateurs. Ze hiken twee weken door het gebied en hebben een stuk betere gear voor de omstandigheden. Toch hadden ook zij problemen met de laatste rivier en staan hun schoenen ook voor het houtkacheltje. ’s Avonds komen er nog twee jongens bij in onze hut. Ze komen uit Nederland en zijn echt hélemaal gesloopt. De niet zo ervaren wandelaars (lees: écht geen gear en in spijkerbroek) hadden een afslag gemist en in plaats van 13, 23 kilometer gelopen. Ze zijn grappig genoeg in alle opzichten het tegenovergestelde van de twee ervaren dames in de hut. 

We hebben het best gezellig zo met z’n zessen in de hut en buiten worden we getrakteerd op een goede show. De berghut ligt namelijk naast een gedeelte waar de rivier serieus breed is en in de loop van de avond komt er nog een groepje wandelaars vanaf die kant aan. Deze rivier doorkruisen lijkt best een opgave, want veel wandelaars hebben er moeite mee. Zeker wanneer er zelfs een hond doorheen moet. De beheerder van de berghut helpt iedereen en noemt het een ‘eventfull day’. Ondertussen leren wij van alles van de ervaren hikers om ons heen. Zo blijken sandalen toch echt het beste te zijn voor rivieren (met sokken en thermokleding aan, zodat je voeten niet te koud worden) óf speciale waterdichte hoezen die je over je schoenen kunt trekken. Weten we dat ook weer! 😉 

De volgende dag starten we met het hakken van hout en het halen van water uit de rivier, zodat de voorraden weer zijn aangevuld. Hierna starten we vol goede moed en droge schoenen aan deel twee van de tocht. We klauteren eerst over de berg de vallei uit, doorkruisen dan een volgende vallei (met rivier, maar deze keer gaan we er als een pro doorheen), klauteren een besneeuwde pas op en wandelen langs diverse prachtige halfbevroren meren voordat we bij de volgende hut aankomen. De route is fantastisch! Gelukkig deze keer weinig muggen, modder en water. Daarnaast is het heerlijk zonnig en hebben we de hele route voor onszelf! Vooral het stuk langs de bevroren meren hoog in de bergen vind ik adembenemend mooi. De blauwe stukken ijs drijven voorbij terwijl we met de drone wat mooie videos maken, wauw! 

Aangekomen bij de volgende hut rusten we even uit. Vanaf hier is het nog zeven kilometer afdalen naar het treinstation. De vallei naar beneden is alleen weer super nat. Overal waar je kijkt stroomt en kolkt het water de bergen af. Wat smelt alles hier hard! Mijn knie is er aardig klaar mee, zeker waneer de allerlaatste kilometers supermodderig blijken te zijn. Maar we zetten door en komen aan bij het stationnetje. We hebben de bus al gemist en helaas blijkt de trein vol te zijn (je moest online reserveren, anders stopt de trein hier niet). Dus zijn we aangewezen op de langsrijdende auto’s. Vanaf het station is het nog een paar honderd meter naar de parkeerplaats en de weg. Ik ben echt helemaal gesloopt! en aardig aan het aftellen tot we er zijn. Maar dan vlák voor de parkeerplaats staat er een bord dat het pad is omgeleid vanwege werkzaamheden. NOOO! Ik word nog even getrakteerd op honderden meters diepe modder tussen de muggenstruiken… grrrr!!

Scheldend en puffend komen we aan bij de parkeerplaats, helaas konden we de andere wandelaars op het laatste stukje van de route niet bijhouden en zij zijn al weg met de auto. We hoopten stiekem op een lift van hen. Aangezien het ondertussen al 20 uur is, hopen we nog wat auto’s te kunnen vangen. De eerste die voorbij rijdt stopt helaas niet, maar niet veel later rijdt er een tweede auto voorbij en die stopt, jeeee! We mogen instappen bij een aardige man uit Litouwen die samen met zijn schoonvader een rondje door noord-Scandinavië rijdt. Ze reizen in een prachtige elektrische auto met een beige, leren achterbank. Alles is spik en span. Ik kijk Merijn nog even vragend aan wanneer ik onze modderige spullen aanschouw, maar prop onze vieze tassen en lichamen dan toch maar snel op de achterbank. We rijden in een half uurtje terug naar de camper en hebben een gezellig gesprek met onze chauffeur! Wanneer we uitstappen ziet de achterbank er gelukkig niet al te vies uit!

En nu naar…?

De volgende ochtend halen we, met de nodige spierpijn, de laatste Zweedse boodschappen. In de supermarkt op de grens is duidelijk te zien welke dingen in Noorwegen duur zijn. De halve supermarkt is gevuld met bakken schepsnoep, chips en koek. Er is duidelijk suikertax in Noorwegen, haha! Na de benodigde inkopen rijden we naar de grensovergang met Noorwegen, die open is (de kleintjes zijn dicht). Ik zit helemaal klaar met de paspoorten en de vaccinbewijzen, maar bij de grens lijkt niets te zijn. De slagboom staat open, het stoplicht op groen en er is niemand te bekennen. Was dit het dan? Na 20 minuten rijden in Noorwegen zijn we overtuigd dat er niets meer gaat komen, maar dan rijden we toch nog een politiefuik in en worden onze QR-codes gescand. Gelukkig is alles in orde en zijn we officieel toegelaten in Noorwegen! Tijd voor een nieuw land, nieuwe avonturen, en we starten gelijk met wel een hele bijzondere bestemming…stay tuned!

Oh en of Zweden onze vooroordelen heeft ontkracht? Jaaa! Hoewel…het bestaat wel echt grotendeels uit bomen, meren en muggen. Maar dat is zeker niet lelijk en daarnaast hebben we spectaculairdere stukjes ontdekt. Zweden is voornamelijk een ongelofelijk ontspannen land om met de camper doorheen te reizen en de Zweden zijn super aardig. We hebben een fijne tijd gehad! 🙂 

Liefs, Stefani

« van 7 »

2 gedachten over “Hej hej välkommen till Sverige!

    1. Hej! Ja leuk moose shirtje he! Inmiddels heeft hij flinke concurrentie gekregen van d’r nieuwe abisko shirt. Maar als die eindelijk te vies is om nog langer te dragen dan is moose weer aan de beurt!

Geef een antwoord