De boot gemist

Hei! Welkom bij het laatste deel van ons rondje Scandinavië. Met deze keer weer een hoop leuks, maar ook een hoop moeilijkheden en zware keuzes. Toen we vorige keer eindigden in Bergen hadden we net besloten om niet meer naar Zuid Amerika te gaan, Antarctica te annuleren, en Berry te proberen te verkopen. We zijn moe van de zin, onzin, gedoe, en willekeur van de coronamaatregelen overal en zien Zuid Amerika daarom niet meer zitten. Daarnaast vinden we de risico’s van bijvoorbeeld geweigerd worden op onze cruise naar Antarctica door een (vals) positieve test, of aan boord in quarantaine gestopt te worden door een te hoge temperatuurmeting, te groot voor het enorme bedrag wat we er voor betalen. Tot nog toe was het altijd nog alsof we hier in Europa eigenlijk aan het wachten waren totdat we weer verder konden met onze ‘echte’ reis. In de tussentijd zijn we steeds flexibel geweest en gegaan waar mogelijk was. Maar nu met de deadline in zicht moeten we wel harde keuzes maken. Het voelt alsof de wereld het na twee jaar vechten uiteindelijk toch van ons gewonnen heeft. Alsof het plan waar we al 5 jaar voor de reis mee bezig waren nu definitief is mislukt. De beslissingen vallen met name mij zwaar. Steef is afgelopen jaar al geleidelijk aan het verwerkingsproces gestart, maar ik heb erg veel moeite te accepteren dat dit het was en dat beïnvloedt deze weken behoorlijk de stemming.

Daarnaast is het ook niet zo dat met het maken van de beslissingen de kous af is. Want kunnen we Antarctica nog wel annuleren zonder onze volledige aanbetaling kwijt te raken? Is er wel iemand zo gek om op dit moment een Canadese auto te kopen die in Mexico staat? En hoe regel je de overschrijving überhaupt terwijl jij en de auto zich niet in Canada bevinden? Hebben we nog wel genoeg zin/energie om verder te reizen in Europa, of willen we ergens een paar maanden op 1 plek zitten? Welke plek wordt dat dan? Wat gaan we daar doen? Het zijn allemaal vragen waar we deze weken een antwoord op moeten verzinnen en voorbereidingen voor moeten treffen. Langzaam maar zeker begint ons plan vorm te krijgen. We denken in eerste instantie aan begin Oktober naar Mexico vliegen om te kijken hoe het met Berry is, onze laatste spullen eruit te halen, hem over te dragen aan de potentiële kopers, en dan nog een tijdje daar vakantie te vieren. Dan kunnen we van half November tot half Januari weer naar Spanje om te kiten in Tarifa, en dan in de winter weer naar Zwitserland, waarvoor we in de aanbieding een Magic Pass gekocht die geldt voor 40 skigebieden in het westen van het land.

Al deze dingen spelen zich op de achtergrond af, terwijl we gelukkig ook nog meer dan genoeg leuks te doen hadden in onze laatste paar weken Scandinavië. Laten we dan daar maar eens mee beginnen! Waar waren we ook al weer? Oh ja, in Bergen!

De moeite waard

Ook al is Bergen zeker een mooie stad, we zijn er toch wel over uit dat het niet de twee keer 2,5 uur rijden waard was om het te bezoeken. Ten minste, totdat we halverwege de terugweg langs het dorpje Dale komen. Hier staat namelijk de fabriek van ‘Dale of Norway’, een van de bekendste merken van echte Noorse wollen truien, met fabrieksoutlet! Al sinds het begin dat we hier rond reizen staat zo’n trui op mijn verlanglijstje, dus dit is een mooie kans! Steef heeft vrijwel onbeperkte keuze aan superwarme en zachte truien, maar zoals altijd is het erg moeilijk een goede aanbieding te vinden in mijn maat. Uiteindelijk vinden we er toch allebei een die we leuk vinden en goed past, met 50% korting! Al is het daarmee nog steeds (met afstand) mijn duurste trui ooit…

Fruit en cider

Tevreden met onze nieuwe truien rijden we weer verder het binnenland in naar de uiteindes van het Hardangerfjord. Het gebied rondom dit fjord staat bekend om de vele fruitplantages en bij het dorpje Ulvik is wel een heel mooi hoekje ontstaan vol appel en pruimenbomen op de zonnige hellingen rondom het dorp. Hier is de ‘fruit en cider’ wandelroute uitgezet. Een heerlijk ontspannen rondje langs 3 verschillende plantages met elk een eigen boerenwinkeltje. We kopen eerst wat echt natuurlijke appelsap en daarna wat net geoogste appels en pruimen. Met name de appels zijn echt zo lekker! Terwijl wij in het noorden alle regen kregen hebben ze hier in het zuiden juist een uitzonderlijk zonnige zomer gehad, en dat heeft de appels extra zoet gemaakt.

Aan het eind van de wandeling komen we langs een sportveld met picknicktafels en een zwemstrandje. Het is vandaag echt superlekker weer, dus een uitgelezen kans voor onze eerste duik in Noorse wateren. Steef twijfelt even omdat ze door het kraakheldere water de krabben op de grond ziet lopen, maar gaat er dan ook voor. Heerlijk!

We slapen op een oude veerbootkade, die nu vervangen is door een brug en geadopteerd door camperaars. Volgens de reviews zien veel mensen hier dolfijnen. Tot nog toe valt het ons behoorlijk tegen hoeveel wildlife we zien in Noorwegen, dus we wagen een poging. In de schemer zijn ze niet zo makkelijk te zien, maar plots horen we vanuit de camper toch echt het geluid van een dolfijn die uitblaast! Gelukkig blijven ze tot de volgende ochtend in de buurt, en dan zien we wel goed de vinnen uit het water komen. Echt een show geven doen ze alleen niet helaas.

Langs het spoor over de bergen

Via het schattige dorpje Eidfjord rijden we weer het Hardangervidda Plateau op. We hopen hier op de hoogvlakte nog een kans te hebben op het noorderlicht. In onze nieuwe Noorse truien speuren we de horizon af richting het noorden, maar we zien helemaal niets. Rond half 1 besluiten we het maar op te geven voor vanavond, want we moeten fit zijn voor morgen. Dan gaan we namelijk fietsen over de Rallarvegen! Deze weg over het Hardangervidda Plateau is meer dan 100 jaar geleden aangelegd voor de bouw van de Oslo-Bergen spoorlijn en sindsdien omgebouwd tot fietsroute. De route is in totaal 82km en loopt van Haugastol op 1000m over een pas op 1350m helemaal naar zeeniveau bij Flam. De meeste mensen nemen de trein van Flam naar Finse, wat halverwege ligt, en fietsen dan vrijwel alleen maar omlaag. Die treinkaartjes zijn echter schreeuwend duur en op gunstige tijden voor fietsen helemaal volgeboekt, dus nemen wij hem vanaf de andere kant naar Hallingskeid, een stukje voorbij de pas, en fietsen vanaf daar terug. Als we parkeren bij Haugastol staat het er vol met fietsers die hetzelfde gaan doen. Het was dus niet zo’n gek idee. We halen even wat bandenplaklijm om ons reparatiekitje weer compleet te maken en voegen ons dan bij de rest van de wachtenden op het station.

Een paar minuten voor de trein aankomt krijgen we tags om onze fietsen en worden verzocht naar de achterkant van het perron te gaan, waar nog een stuk of 100 huurfietsen geparkeerd staan. Dat leek mij een voorraad, maar ze blijken allemaal mee te moeten! Dat zal dus wel even gaan duren. Als de trein aankomt stopt deze zo dat een van de twee fietswagons (jawel, hele wagons alleen voor fietsen) niet naast het verhoogde perron staat. Of de machinist even achteruit wil rijden dus! Tuurlijk, geen probleem. Vervolgens worden er met een noodvaart zo’n 120 fietsen over de wagons verspreid, maar met die snelheid duurt het nog steeds 10 minuten om alles in te laden. De volgende 10 minuten vertraging worden opgebouwd bij Finse, en ook bij onze stop moeten een hele hoop fietsen er weer uit, om de totale vertraging van de trein door de fietsers op meer dan een half uur uit te laten komen. Gelukkig zullen er hier niet zo veel reizigers zijn die nog een aansluiting moeten halen. Het OV in Noorwegen is goed georganiseerd, maar de dekking en frequentie erg beperkt. Zelfs tussen Oslo en Bergen, de twee grootste steden, zijn maar 3 treinen per dag. Alleen binnen de steden rijdt regelmatig OV. Het is hier geen Zwitserland! 😉

De route is vrijwel meteen adembenemend mooi. De eerste 10km gaan flink omhoog. We moeten 300m stijgen, maar dat lijkt eigenlijk binnen no-time gebeurd. Als we na een uurtje gaan lunchen op het hoogste punt zitten we achteraf toevallig ook op het mooiste plekje van de hele route. Onder ons ontvouwt zich een panorama van kleine bergmeertjes met daar tussendoor meanderend de oorspronkelijke spoorlijn, die inmiddels vervangen is door een tunnel, en met sneeuw bedekte topjes op de achtergrond. Wat is het mooi hier op de hoogvlakte! Als we verder rijden naar Finse krijgen we zicht op de Hardangerjokul ijskap en zijn naar beneden kronkelende gletsjers waar Finse om bekend staat. We drinken de duurste 7up en appelsap ooit in het hotel van Finse en crossen dan door naar beneden. De tweede helft van de route is ook mooi, maar duidelijk minder spectaculair. Al is dat niet echt een probleem, want nu kunnen we eindelijk wat tempo maken. Terug bij de camper maken we de balans op. Dit was echt de mooiste route die we ooit hebben gefietst. Al moet ik eerlijk toegeven dat we ook weer niet heel veel ervaring hebben.

Aurora ‘light’

Tijd om uit te rusten hebben we niet, want vanavond is de noorderlichtvoorspelling weer gunstig genoeg om tot ons door te komen. Omdat we na vandaag weer een stuk verder naar het zuiden gaan lijkt dit de laatste kans. Dus installeren we ons weer naast hetzelfde meertje als afgelopen nacht en bereiden ons voor op een lange nacht. Al om half 12 zien we duidelijk een groene gloed aan de horizon, maar echt te onderscheiden is het niet. De camera geeft de doorslag. Met lange sluitertijd is het daar wel goed op te zien. Dit is het! Lang duurt het niet, want na een kwartiertje neemt het weer af. Volgens een Duitser naast ons is het meestal om 1 uur het sterkst, dus houden we het nog even vol in het ijskoude windje wat net is opgestoken, maar tot 2 uur komt het niet meer goed terug, dus geven we het op. Tja, we hebben het gezien, maar vinden toch niet echt dat het telt. Als je het vergelijkt met vrienden van ons die in het noorden van Zweden zitten was dit niets. 

Nog één laatste gletsjer

Terug beneden rijden we langs de volgende arm van het Hardangerfjord vol met fruitplantages naar Odda. We hebben gelezen dat je hier bij de VVV voor 3 euro pp onbeperkt warm kunt douchen. Dat klinkt wel goed! We zijn alleen helaas niet de enige die het weten, want vlak voor ons stappen twee Duitse meisjes naar binnen die ook naar de douche vragen. Zij moeten alleen eerst nog hun spullen halen… haha sukkels, dan dringen wij lekker voor!

Helemaal fris en fruitig rijden we richting de Buerbreen gletsjer, in het Folgefonna nationaal park. Omdat je hier toch voor 24 uur parkeerkosten betaalt besluiten we er ook maar te gaan slapen. En we zijn niet de enige die dat bedacht hebben. Het grote grasveld wat het campergedeelte van de parkeerplaats is lijkt eigenlijk net een camping, het heeft alleen geen voorzieningen. We proberen even het laatste plekje in de zon te claimen, maar komen tot de conclusie dat die te schuin is en verplaatsen dan toch maar naar de schaduw aan de overkant. Onze Duitse buren lachen: “precies dat hebben wij net ook gedaan!”. De sfeer is goed hier op het grasveld. We herkennen een Duits meisje met hysterisch blije hond waar we naast stonden aan het fjord bij Andalsnes en kletsen ook een tijd lang met onze Nederlandse buren aan de andere kant.

De volgende ochtend beginnen we aan de 500m stijgen naar de voet van de gletsjer. De route is steil met veel stukjes met touwen en kettingen. We volgen het woeste riviertje omhoog en krijgen steeds mooier uitzicht op de gletsjer en het dal onder ons. De herfstkleuren zijn hier echt al ingetreden en de met bossen bedekte hellingen tonen een prachtig kleurenspectrum van groen, geel en rood. Boven bij de gletsjer wachten we op de voorspelde zon. De wind die over de gletsjer waait is ijskoud, terwijl we hiervoor de hele tijd in t-shirt en korte broek liepen. Ons geduld wordt op de proef gesteld, maar na anderhalf uur is het helemaal blauw. Prachtig!

Preikestolen

Omdat we op internet niet echt highlights hebben kunnen vinden tussen Odda en Stavanger steken we weer een heel stuk door naar het zuiden. Het ontbreken van highlights zegt in Noorwegen echter niet zoveel, want de 4 uur rijden zijn eigenlijk zonder ophouden prachtig. Onderweg bereikt ons goed nieuws: we hebben kopers voor Berry! We zaten er best wel over in, want onze doelgroep lijkt superklein omdat we op een niet-standaard plek verkopen. Maar wonder boven wonder neemt een Duits koppel contact op wat ongeveer rond hetzelfde moment als wij hun reis in Mexico heeft afgebroken en morgen naar Cancun vliegt om die te hervatten. Ze waren van plan om daar op zoek te gaan naar een auto, maar Berry lijkt al precies wat ze willen! Ze gaan met behulp van familie in Canada uitzoeken hoe het precies in zijn werk gaat.

Na een overnachting aan een meertje in the middle of nowhere komen we aan op de parkeerplaats van de Preikestolen. Hier is het duidelijk niet meer middle of nowhere, want het is zaterdag en het grootste deel van de mega parkeerplaats is al vol. Er staat zelfs een parkeerwachter bij om ons de weg te wijzen. Om wat drukte te vermijden gaan we eerst nog een paar uurtjes werken voor we aan het eind van de middag beginnen met lopen. Die strategie werkt, want we komen ongelooflijk veel mensen tegen die op de terugweg zijn en op het eind is het eigenlijk best rustig. De route zelf is niet al te boeiend, maar het uitzichtpunt is werkelijk waar fenomenaal. Wat een indrukwekkende afgrond en prachtig beeld van het Lysefjord heb je hier. De vorm van het plateau leent zich ook erg goed voor waaghalsachtige foto’s. We hadden van verscheidene mensen gelezen dat je dit punt (onder andere vanwege de drukte) wellicht beter kon overslaan, maar wat mij betreft was het zeker de moeite waard.

De leukste stad van Noorwegen

Stavanger staat bekend als de ‘olie hoofdstad’ van Noorwegen. Dat idee bracht bij mij al genoeg vooroordelen naar boven om er niet al te veel van te verwachten, maar dat blijkt compleet onterecht. Dit is echt de leukste stad waar we geweest zijn in Noorwegen! Het oude gedeelte met perfect onderhouden witte vissershuisjes, gecombineerd met de kleurrijke straten en schattige cafeetjes in het centrum, de alom aanwezige mooie street art, en het fantastische oliemuseum maken het een duidelijke winnaar.

Oliemuseum? Is dat boeiend? Jazeker! Want de huidige Noorse verzorgingsstaat is onlosmakelijk verbonden aan de olie. Je krijgt niet alleen uitleg over het hele proces van oliewinning, maar ook over de constructies die de Noorse regeringen hebben bedacht om de opbrengsten ervan voor de huidige en toekomstige generaties veilig te stellen. Waar in Nederland de gasopbrengsten direct een onderdeel vormden van de begroting wordt hier een aanzienlijk deel in een fonds gestopt waarvan alleen het rendement wordt uitgegeven. Zo stelt Noorwegen zijn verzorgingsstaat veilig voor de toekomst. Het Nederlandse voorbeeld wordt zelfs even kort benoemd als de ‘Dutch Disease’, wat inhoudt dat je de overheidsuitgaven laat stijgen op basis van niet duurzame inkomsten.

Uiteraard is er ook een groot deel gewijd aan het klimaatdilemma. De oliesector is verantwoordelijk voor een derde van alle CO2 die Noorwegen uitstoot, en dan hebben we het nog niet eens over wat er met de olie zelf gedaan wordt in het buitenland. Er worden wel allerlei dingen gedaan om de sector zuiniger te maken. Zo worden platforms tegenwoordig van energie voorzien vanaf het land en daar is vrijwel alle energie al afkomstig uit waterkracht. Met al het gedoe wat er in Nederland is geweest over een CO2 belasting zal het je misschien verbazen: Noorwegen heeft die al sinds 1991. Het heeft er voor gezorgd dat de offshore industrie allerlei projecten heeft ondernomen om minder uit te stoten. Met grote delen van het land boven de poolcirkel wordt Noorwegen bij uitstek geraakt door klimaatverandering, maar de insteek is wel duidelijk dat we met name ook een hoop goeds te danken hebben aan de olie, en dat mis je soms inderdaad wel in de klimaatdiscussie.

’s nachts op de parkeerplaats naast de begraafplaats komt onverwacht het moment waarvan je hoopte dat het niet zou gaan komen: onze laatste gasfles is op. Shit… had die het niet even net een weekje langer kunnen volhouden? We hadden oorspronkelijk gepland ongeveer 7 weken in Scandinavië te zijn, en aangezien we in Spanje ongeveer zo lang met één gasfles deden leek anderhalve fles wel genoeg. Maar aangezien we er toch 9 weken van hebben gemaakt, van ontbijten met yoghurt zijn overgestapt op havermout, en een paar keer warm hebben gedoucht ging het toch een stuk sneller dan verwacht. Gas vinden in het buitenland is echt k*t, want het is eigenlijk overal verboden om je flessen te laten vullen. Dan zit er niets anders op dan een nieuwe lokale fles te kopen en een aansluitstuk. Voor een weekje is dat een behoorlijk prijzig grapje. Daarnaast hebben we nu een Spaanse en een Zwitserse gasfles en willen we die graag houden omdat we daar weer naar terug gaan, maar we hebben geen plek om veilig een extra gasfles te vervoeren. Dus zullen we toch een van onze huidige achter moeten laten, maar dat mag natuurlijk ook niet zomaar overal. We overwegen om de laatste week zonder gas door te komen tot we weer in Nederland zijn, of eventueel een los brandertje te kopen, maar besluiten om ’s ochtends eerst maar eens naar een gasbedrijf te gaan om te kijken wat de kosten zijn.

Een dag vol meevallers

Op weg daar naar toe komt de eerste meevaller van de dag. We moeten tanken en dat blijkt op maandagochtend erg goedkoop te zijn! Maandagochtend? Ja, je hoort het goed. De prijzen bij Noorse tankstations zijn afhankelijk van het moment waarop je tankt. Dat kan ook behoorlijk uitmaken! Ik kon het eigenlijk niet geloven toen andere reizigers zeiden dat de prijzen per uur kunnen fluctueren, maar ik kan het nu bevestigen. Toen we zaterdagmiddag langs hetzelfde tankstation reden was het nog 15 eurocent duurder dan nu. Que?? Maar goed, de dag begint dus goed.

Bij het gasbedrijf leg ik uit dat we leeg zijn. “Vervelend voor je!” grapt de gasmeneer, maar daarna meteen: “breng hem maar binnen”. Zwitserse aansluiting? Geen probleem. En binnen een paar minuten sta ik weer buiten met een volle Zwitserse ruilfles voor maar 22 euro. De tweede meevaller van de dag! Eigenlijk mag wat hij doet natuurlijk niet, en ik mag het ook niet vragen. Maar zo wordt de belangrijkste les van coronatijd maar weer eens bevestigd: je moet meer schijt hebben aan de regels, daar wordt je toch echt een stuk gelukkiger van.

Uitgelaten komen we aan bij onze volgende stop: de Norwegian outlet, met winkels van onder andere Norrona en Bergans. Naar dit moment hebben we al weken uitgekeken, want eindelijk mogen we alle gear uitzoeken die we hebben afgekeken bij de Noren. Steef vindt een mooie Norrona hiking broek en een hard shell en donsjasje van Bergans. Ik heb wat meer moeite, want ik ben weer niet dik genoeg voor alle hiking broeken, maar vind wel een mooie deal voor een supergoede Norrona skibroek, en die had ik eigenlijk veel meer nodig! Alweer een meevaller!

Nog een meevaller komt in de vorm van een goedkope, rustige camping met onbeperkt warme douche, snel internet, gratis gebruik van de wasmachine en droger, en een prachtige locatie aan een fjord. De natte droom iedere vanlifer. Terwijl we werken aan de cursus en verder uitzoeken hoe het kopen van een auto in Canada precies werkt bereikt ons nog een laatste meevaller, soort van althans. Onze tour agent voor Antarctica heeft de annuleringsvoorwaarden gekregen van de operator. Dikgedrukt staat dat als we meer dan 180 dagen van te voren annuleren, we ‘maar’ 2000 dollar kwijt zijn, ipv de bijna 4000 die we hebben aanbetaald. Omdat de datum nog ver weg is, is dat waar ze zich nu aan houden. Van te voren hadden we bedacht dat we wel tevreden zouden zijn als we de helft van onze aanbetaling terug zouden krijgen, en dit komt in de buurt. Als ik ga rekenen schrik ik echter behoorlijk, want 180 dagen van te voren blijkt eergisteren te zijn! Gelukkig doet de operator niet moeilijk, aangezien onze vraag al van een week geleden is, en kent de annulering toe. Dat is weer een openstaande zorg minder. Die 2000 dollar past er nog wel bij op de enorme hoop geld die Corona ons gekost heeft.

Helaas zit toch niet alles op deze dag mee, want het resultaat van mijn research over auto’s kopen in Canada is niet gunstig: het blijkt in onze situatie oprecht onmogelijk om dat op afstand te doen. In Canada doen ze namelijk niet aan jaarlijkse APK keuringen, maar bij verkoop. Zonder keuringsrapport van een door je provincie erkende garage (die zich uiteraard alleen in die provincie bevinden) kun je geen nummerbord op je auto zetten. Die zijn persoonlijk en worden niet doorverkocht. De regels verschillen wel een beetje per provincie. Ik heb ze niet allemaal gecontroleerd, maar BC, Manitoba, Ontario, en Quebec vereisen een keuring voor auto’s uit andere provincies. De meeste vereisen dat niet voor verkopen binnen de provincie, maar juist Ontario, waar Berry vandaan komt, weer wel. Als we dus in een van die andere provincies een auto hadden gekocht dan hadden we die op zijn minst nog binnen de provincie kunnen overschrijven, maar nu kan ook dat niet. Misschien was het naïef om dit niet van te voren uit te zoeken, maar aan de andere kant: waarom zijn dit soort dingen zo f*cking moeilijk!? Het is toch niet heel raar wat ik wil?

Toch kunnen we er ook weer niet heel erg mee zitten. We hebben namelijk eigenlijk best al wel weer zin om nog een laatste maandje (of langer?) in alle rust met Berry door Yucatan te reizen. En na nog een tijde verder puzzelen zien we eigenlijk ook wel hoe het leuk kan zijn om in het voorjaar door de golf van Mexico te verschepen naar Florida en vanaf daar door de Appalachen en langs de oostkust van de VS terug te rijden naar Ontario, waar we hem wel kunnen verkopen. Voor nu gaan we in ieder geval even kijken hoe Berry er aan toe is, onze spullen ophalen, en dan weer terug naar Europa. Als hij deze anderhalf jaar heeft overleefd dan lukt dat ook wel nog een half jaartje, en kijken we in het voorjaar weer verder.

Iets te serieus

Hiken in Noorwegen is een serieuze aangelegenheid. Hier geen hekjes, geleidelijk oplopende paadjes en overdaad aan waarschuwingsbordjes. Als je hier gaat lopen is het al snel 1000m hoogteverschil, loop je over smalle randjes langs honderden meters diepe afgronden en over losliggende stenen waar je als je niet oplet zo je enkel over verzwikt. Het niveau ligt hoog. Normaal gesproken zijn wij altijd sneller dan de rest, maar hier is dat zeker niet zo. Noren zitten echt op het buitenleven, en het lijkt wel alsof iedereen er in zijn vrije tijd met de meest epische gear op uit gaat. We hebben alle leeftijden en soorten groepjes voorbij zien komen. Desondanks vind ik Kjeragbolten ook voor hier een stapje te ver gaan.

Kjeragbolten is een rots die vast is komen te zitten tussen twee honderden meters hoge rotswanden, waar je op kunt klimmen om een vrij epische foto te maken. De hike er naar toe is al pittig, met veel stukjes die ’s ochtends met de dauw spekglad zijn waar je kettingen moet gebruiken, maar dat overleef je nog wel. Ook de laatste stappen de steen op zijn nog wel ok, maar de paar stappen daarvoor zijn wel oprecht onverantwoord. Op een hellende steen die bedekt is met gruis moet je om een hoekje stappen met enkel een klein ringetje waar je een vinger in kunt steken als houvast, terwijl het onder je honderden meters recht naar beneden gaat. Klimmers kunnen je vast vertellen dat als je gaat, je vinger gewoon blijft hangen in het ringetje terwijl jij naar beneden stort. Ik moest het natuurlijk wel proberen, maar moet nu toch bekennen dat ik het eigenlijk onverstandig vind. Dat hier nog nooit iemand dood is gegaan is wat mij betreft een wonder, en ik heb het volste respect voor mensen die dit overslaan. Zoals een Duits meisje naast ons opmerkte: “niet alles in het leven moet een keer geprobeerd worden”. Maarja, dat is ook wel weer de schoonheid van Noorwegen. In de natuur ben je zelf verantwoordelijk voor je eigen veiligheid. Als jij iets doms wilt doen, moet je het zelf weten.

De foto op de steen is leuk, maar het mooiste uitzicht heb je eigenlijk pas iets verderop, alleen lijkt niemand dat te weten! Vanaf het ‘adelaarshoofd’, een rots die inderdaad wel wat weg heeft van een adelaar, kijk je uit over het Lysefjord. De GPS geeft iets meer dan 1000m aan, maar het is moeilijk te bevatten dat de rotswanden echt meer dan een kilometer recht naar beneden gaan. Mooi is het wel! Een prachtig eindpunt van onze laatste hike in Noorwegen.

Glijbanen en verdwenen veerboten

Onderweg naar de veerboot in Kristiansand komen we langs de ‘Tommerrenna’, een boomstammenglijbaan. In dit gebied werd vroeger veel hout gewonnen, en met behulp van de glijbaan werd dat naar de rivier getransporteerd. De glijbaan is nu gerestaureerd en omgebouwd tot een 4km lang wandelpad. Het volgt een lieflijk dalletje, gaat over hangbruggen en door een lange, lage, en pikdonkere tunnel voordat hij uitkomt bij een dam. Daar is nog een klein deel te zien van hoe het water er oorspronkelijk doorheen stroomde, voordat het naar de rivier wordt afgebogen. De houten constructie is inmiddels zo lek als een mandje, dus dat is een mooie gelegenheid voor een verfrissende mini-douche, voordat we weer verder rijden.

In Kristiansand parkeren we naast het stadspark en beginnen met een heerlijke duik in het meertje. Daarna lopen we een rondje door de stad en regelen de btw teruggave van alle nieuwe gear die we hier gekocht hebben. Dat maakt al de toch al goede outlet deals nog eens 25% goedkoper 😊. We hebben nog precies genoeg tijd om wat te eten voordat we in de rij voor de boot aansluiten. Althans… dat is de bedoeling. Maar als we aankomen in de haven is er vrijwel niemand. Alleen twee Duitse campers, maar die wachten allebei op de boot van morgenochtend. Het zal toch niet…. Maar ja hoor. Met alle dingen die we afgelopen week geregeld en geboekt hebben is er toch iets misgegaan. Ik heb per ongeluk de veerboot NAAR Noorwegen geboekt ipv vanaf. We racen zo snel mogelijk naar het kantoor, maar het is 8 uur ’s avonds dus dat is natuurlijk al gesloten. Er lijkt niets anders op te zitten dan een nieuw ticket voor morgenochtend boeken. Superzonde, want die is ook nog eens de helft duurder. Ik ben echt strontchagrijnig, want ik was net zo blij dat we met ons rondje Scandinavië keurig binnen budget waren gebleven, en dit verstoort dat behoorlijk. Maar het duurt niet al te lang voordat ook ik er de lol wel van kan inzien. Tja, dit overkomt je ook een keer.

Na een verrassend rustig nachtje in de haven staat er deze keer wel een boot voor ons klaar en komt er toch echt een einde aan onze tijd in Noorwegen. Het heeft even geduurd voordat we hier onze draai hebben gevonden, maar we hebben er uiteindelijk toch wel echt van genoten. Aan boord krijgen we nog een cadeautje van de Noren, want Color Line heeft zo waar besloten om ons ticket van gisteren te restitueren. We halen meteen maar taart om het te vieren!

Net Nederland

Aan de overkant rijden we meteen door naar het bos van Rold. We hebben een paar plekken in Denemarken gevonden waar we wel langs willen op de terugweg, en dit is de eerste. Hier loopt namelijk een van de mooiste mountainbikeroutes van het land. Echte bergen heb je niet in Denemarken, maar hoogteverschil is er wel, en dat maakt dat je hier prima kunt mountainbiken. Volgens het kaartje wat ik online heb gevonden is hier een met blauw aangegeven rondje van 18km met af en toe een met rood aangegeven korte detour voor wat extra uitdaging. Ik besluit dan ook meteen de eerste rode afslag te nemen, maar dat blijkt niet een detour maar het professionele race-circuit te zijn, en dat is wel wat meer dan uitdagend! Steef heeft er al snel genoeg van, maar gelukkig vinden we na een hoop desoriënterende bochten en kruisingen de weg terug en is de rest van de route wel erg leuk! Vlak voordat we helemaal bezweet terug bij de camper komen barst de hemel open en komt de regen met bakken naar beneden. Het water stroomt zo hard van de camper af dat we het prima kunnen gebruiken om het zweet van ons af te spoelen!

Onze volgende bestemming is het nationaal park Thy, in het noordwesten van het land. Het park bevat een prachtig groot duingebied en strand. Het doet verrassend veel denken aan Nederland! Alleen is het hier een stuk ruimer en rustiger. We beginnen in het blijkbaar wereldberoemde Klitmoller. Hier worden namelijk elk jaar de ‘Cold Hawaii Games’ gehouden, met surf, windsurf, en kitesurf wedstrijden. En je raad het nooit… die zijn net begonnen! Vandaag staat de ‘big air’ op de planning, dus dat willen we wel even bekijken. Alleen heeft niemand onze planning doorgegeven aan de wind, want die is jammer genoeg afwezig en van golven is eigenlijk ook geen sprake, die zijn pas morgenmiddag weer voorspeld. Bijna op het juiste moment op de juiste plek dus, maar zin om er op te wachten hebben we ook weer niet.

We lopen op een paar plekken wat rondjes door het park en vinden dan een slaapplekje op een mooie rustplaats aan een meer. Het is na Noorwegen en Zweden even puzzelen wat hier gebruikelijk is. Wildkamperen is in Denemarken niet toegestaan, maar 25 uur ‘rusten’ op een rustplaats langs de weg mag wel. In de praktijk lijken ze er ook best coulant mee te zijn, en mag je ‘rustplaats’ best breed interpreteren. Een gemiddelde parkeerplaats lijkt genoeg. Na een ochtendje werken op de rustplaats rijden we dan ook door naar een wandelparkeerplaats in het duingebied vlak naast Billund, waar we samen met een Duitse camper naast ons een heerlijk rustig nachtje tegemoet gaan.

Stipt om 10 uur staan we de volgende ochtend klaar voor de ingang van onze hoofdbestemming in Denemarken: Legoland! We hebben gemikt op een maandag, zodat het lekker rustig is. Maar voor de ingang staan toch nog best wel een hoop kinderen. Er blijken nog een paar Duitse deelstaten te zijn die precies vandaag nog hun laatste dag van de zomervakantie hebben. Helemaal leeg is het dus niet, maar we hoeven nergens te wachten. Na een paar uur allerlei attracties uitproberen is onze conclusie dat we hier toch helaas te oud voor zijn. Waar de Efteling ook voor volwassenen nog wel leuk is, is de doelgroep hier toch meer onder de 12. Er zijn zelfs een aantal attracties waar ik niet in mag omdat ik te lang ben (1,95m is de grens). Het mag de pret niet drukken want we vermaken ons prima. Het hoogtepunt is wat mij betreft het Ninjago Laser Maze, waar we allebei super serieus aan mee doen en ik win (maar misschien dat Steef daar anders over denkt). Toch weet ik vrij zeker dat ons bezoek aan Legoland een eenmalig iets gaat zijn.

Aan het eind van de middag rijden we naar de gratis camperplek van Ribe. We hebben het nog nergens druk gezien in Denemarken, maar hier staan op 1 na alle 25 plekken vol. Dat had ik niet verwacht! We installeren ons op de laatste plek tussen de Duitsers en fietsen dan een stukje naar een uitkijktoren over het moerasgebied naast de stad. Precies als we aankomen begint het spektakel: de Sort Sol, oftewel Zwarte Zon. In September en Oktober strijken honderdduizenden spreeuwen hier neer in het gebied op hun weg naar het zuiden. Blijkbaar kunnen de groepen zo groot worden dat ze de avondzon blokkeren. Dat valt bij ons wel mee, maar we krijgen toch een mooie show van een paar duizend vogels die in prachtige vormen heen en weer vliegen terwijl ze een plekje uitzoeken voor de nacht.

Als laatste stop in Denemarken gaan we naar het schitterende autostrand van het even zo mooie waddenzee-eilandje Romo. We verkennen eerst even of op het strand rijden niet alleen voor 4WD auto’s is, maar het stikt er ook van de campers! Gelukkig is het strand gigantisch en is er meer dan genoeg plek voor iedereen. Het is heerlijk chillen in de laatste paar uur zon van de komende dagen. Maar als die verdwenen is besluiten we ook aan onze tijd in Denemarken een eind te maken en een flink stuk Duitsland in te rijden. Het was best leuk om ook hier nog even een paar daagjes rond te kijken en een beeld te krijgen van hoe het er hier uit ziet, maar ik zou Denemarken toch niet aanraden als vakantieland. Het is hier prachtig, maar daarvoor lijkt het wat mij betreft simpelweg te veel op Nederland.

Weer eens genieten

Om te voorkomen dat we net als de vorige keer volledig overspannen raken in onze tijd in Nederland doen we het deze keer wat rustiger aan. In plaats van meteen allerlei afspraken te hebben beginnen we met een nachtje in Giethoorn. Daar was Steef nog nooit geweest, en het is heerlijk rustig nu er door Corona nog geen Aziatische toeristen zijn. Daarna rijden we door naar de camping in de Vlietlanden vanwaar we 2 maanden geleden ook vertrokken. Nu zijn we pas echt rond! Vanuit hier fietsen we een rondje Den Haag om wat afspraken af te werken en tussendoor heerlijk lang in de zon te lunchen bij onze favoriete strandtent. Het voelt goed om weer even te ervaren dat het leven hier ook zo slecht nog niet is. Daarom nemen we de komende weken nog wat meer de tijd om hier ook weer eens te genieten, voordat we op 4 oktober vliegen naar Mexico. We zijn heel benieuwd hoe Berry er aan toe is. We hopen natuurlijk dat alles nog werkt, maar houden er ook wel rekening mee dat het tegen kan vallen en we hem misschien zelfs helemaal niet meer kunnen gebruiken. Spannend! Tot dan!

Merijn

« van 6 »

4 gedachten over “De boot gemist

  1. Superleuk om weer te lezen wat jullie allemaal beleefd hebben. En wat een keuzes waren er weer te maken over wanneer en hoelang Berry jullie nog gaan zien.
    Vraagje: Wanneer gaat het verhaal verder over de ‘Hell’? Wel een lange cliffhanger😀

    Liefs, mama

    1. Ja het was weer een interessant stukje van onze reis! Ik ben bang dat we voor het begin van onze vorige blog al weer uit Hell zijn ontsnapt… Alleen is Steef dat vergeten expliciet te benoemen helaas :-).

  2. Hey Merijn weer leuk geschreven en met plezier gelezen.
    Wat genieten jullie toch lekker op wat kleine tegenvalletjes na. Die beslissing zijn moeilijk maar alles komt vast goed. Veel succes in Mexico met Berry. Ik kijk uit naar jullie volgende blog. Liefs Carla

    1. Hoi Carla,

      Dank je wel! Ja het is niet altijd even leuk om met zoveel gedoe bezig te zijn in plaats van te genieten van waar we zijn, maar gelukkig lukt dat ook nog voldoende. We zullen Berry de groetjes van je doen! Tot de volgende keer!

      Merijn

Geef een antwoord